Wat betekent Paris Proof voor het onderwijs?

Het technische antwoord:

Energie besparen, verduurzamen, isoleren, slimme oplossingen, met als doel:

  • Primair onderwijs: 60 kWh per m2
  • Voortgezet onderwijs: 60 kWh per m2
  • Hogescholen en universiteiten: 70 kWh per m2

... oké, maar wat betekend dat en hoe ver zijn we dan?

Kan mijn schoolgebouw wel duurzaam?

Het is niet zozeer kunnen of willen, maar meer een wat is de huidige situatie en hoe gaan we die verbeteren?

Het korte antwoord:

💼 Een hele hoop werk: achterstanden inhalen
Schoolgebouwen voldoen niet aan maatschappelijke, noch verwachtingen uit het modern onderwijs, noch aan de wettelijke eisen (slechts 15-23% voldoet). Deze gestagneerde situatie heeft, samen met het lerarentekort en de groeiende kansenongelijkheid, al jaren negatieve gevolgen voor de onderwijsomstandigheden.

🏫 Een goed binnenklimaat bevordert leerprestaties
Ongeveer 80% van de scholen heeft problemen met het binnenklimaat, zoals hoog energieverbruik, comfortklachten, slechte ventilatie en temperatuurproblemen, wat invloed heeft op de concentratie en leerprestaties van kinderen en op de verzuimcijfers van docenten en hun protegees.

💰 Kosten voor nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen stijgen
Het probleem ligt niet bij het bewustzijn van schoolbesturen, maar bij het prijskaartje en wie de verantwoordelijkheid (schoolbesturen of gemeenten) heeft voor de renovaties. De kosten voor nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen zijn gestegen van 730 miljoen in 2019 naar 1,2 miljard in 2023.

🔀 Discrepanties tussen onderwijsvisies, doelen, regelgeving en budgetten
Daarnaast belemmeren wetgeving en fiscale regels de verduurzaming van schoolgebouwen. Er is een discrepantie tussen onderwijsvisies en budgetten voor gebouwvernieuwing. Onderwijsbudget moet volgens de wetgeving besteed worden aan onderwijs, niet aan huisvestiging. Die twee zijn in de moderne lesmethode echter onlosmakelijk met elkaar verbonden.

💡 Een geïntegreerde modulaire toekomstvisie op gebouwen
Laten we streven naar schoolgebouwen die flexibel zijn en zich kunnen aanpassen aan de samenleving en lesmethodes van morgen, met een lange levensduur, sterke muren, gezonde materialen, goede ventilatie en hoogwaardige akoestiek.

  • 🏫 Goed ontworpen en (Paris Proof gerenoveerde) schoolgebouwen kunnen meerdere functies vervullen, zo kunnen ze gecombineerd worden met woningen of dienen als oplossing voor eenzame ouderen of een buurtmoestuin omarmen.
  • 🏠 Door verschillende problematiek aan elkaar te koppelen, kunnen meerdere doelen sneller bereikt worden. Van Paris Proof, duurzame woningbouw tot gezonde publieke ruimtes.
  • 👵👴 Het Nationaal Groeifonds en haar partners hebben kennis en oplossingen voor een toekomstbestendige, kost efficiënte en beter binnenklimaat inrichting van schoolgebouwen.
  • 🌱Onze eigen specialisten kunnen uitleggen hoe lang levende materiaaloplossingen goede gezonde investeringen vormen en hoe zij helpen bij het behalen van o.a. de Frisse Scholen eis voor akoestiek.
Onze specialisten
"Een schoolgebouw is meer dan alleen vier muren waarbinnen les wordt gegeven. Het is een plek waar gemeenschappen worden gevormd, waar kansen worden gecreëerd.” - Tanja van Nes

Het lange antwoord:

De kwaliteit van de schoolgebouwen blijft achter bij maatschappelijke verwachtingen, en voldoet op diverse plekken niet aan wettelijke eisen (IBO onderwijshuisvesting rapport, Inspectie der Rijksfinanciën, 2021). De onder-investering in onderwijshuisvesting leidt tot slechtere onderwijsomstandigheden, welk naast het lerarentekort en de groeiende kansenongelijkheid, als één van de drie Nederlandse landelijke uitdagingen met oog op onderwijsresultaten is (McKinsey, 2020).

Trainer en bouwexpert leergang Regisseur onderwijs en gebouw (AVS Academie), Ferdie van de Winkel, spreekt veel schoolbestuurders. “Meestal over het hoge energieverbruik en de comfortklachten. Het is vaak veel te koud of veel te warm in de school. De warmtestapeling in gebouwen is net als de ventilatie een serieus probleem. Als de ventilatie slecht is, heeft dat consequenties voor het concentratie- en leervermogen van kinderen. Dat geldt ook voor de temperatuur. Kinderen die in een erg warme omgeving zitten, worden trager en de concentratie neemt af.”

Tachtig procent van alle scholen heeft een slecht binnenmilieu. Denk dan aan problemen met temperatuur, akoestiek, licht en ventilatie.
Volgens Duurzaam Gebouwd voldeden eind 2014 slechts 15% van alle basisscholen in Nederland aan de minimale energiezuinigheidseisen én voldeed 5 jaar daarna slechts 17% aan Frisse Scholen Klasse B (Programma van Eisen). Ongeveer een kwart van de scholen in het primair en voortgezet onderwijs voldoet niet aan de ventilatienormen (Ruimte-OK, 2021), iets wat tijdens COVID pijnlijk duidelijk werd. Begin 2021 zijn slechts 23% van de basisscholen Paris Proof aldus de NOS, wat betekend dat van de circa 6.500 basisscholen in Nederland (DUO), zo’n 5.000 scholen nog gerenoveerd moeten worden. Dat nog los van de middelbare scholen die we hier niet benoemen.

Het huidige landschap van schoolgebouwen baart zodoende grote zorgen. De gebouwen zijn verouderd, stemmen uit een tijdperk met een andere visie op onderwijs. Volgens de Werkgroep Onderwijs (DGBC) weten schoolbesturen heel goed dat ze moeten renoveren. De gemiddelde leeftijd van de meeste basisscholen is immers 40+ jaar (tot bijna 70 jaar bij sloop) en na alle rapporten van afgelopen jaren is het niet alleen logisch maar ook zeer duidelijk dat deze gebouwen toe zijn aan vernieuwingen. Groter dan het bewustzijn, is het probleem betreffende het prijskaartje en de verantwoordelijkheid voor de renovaties. Evenals de wetgeving en fiscale regels die de versnelling van de Frisse Scholen en Paris Proof verduurzaamslagen belemmeren.

"We moeten innovatief zijn, van elkaar leren en middelen efficiënter inzetten. Er is nog veel werk aan de winkel”, zegt Tanja van Nes (PO-Raad). "Er is bewijs dat een goed binnenklimaat leidt tot betere leerprestaties. Dit is onder andere aangetoond door wetenschappers van de Universiteit Maastricht. Daarnaast kunnen we nationale klimaatdoelen niet halen zonder de essentiële nieuwbouw en renovatie van onze schoolgebouwen. De jaarlijkse kosten zijn al gestegen van 730 miljoen in 2019, naar 1,2 miljard in 2023.” De Inspectie van het Onderwijs riep in 2021 al op om meer te doen dan (COVID) achterstanden wegwerken. Laat daar een prettigere leeromgeving onderdeel van zijn.

De vernieuwing is echter gestagneerd. Discrepanties in onderwijsvisies en gebouw-vernieuwingsbudgetten, onduidelijkheid over wie waarvoor verantwoordelijk is en een onder-investering in onderwijshuisvestiging door het Rijk.

De wetgeving is erop ingericht dat de budgetten voor onderwijs vooral aan onderwijs besteed wordt, daardoor is het vaak lastig om onderhoud en renovaties te bewerkstelligen. Zo stelt ook Van Nes, “Het grootste probleem is dat een groot deel van de gebouwenvoorraad niet voldoet aan de eisen die we stellen aan schoolgebouwen. Veel van wat we vragen aan het onderwijs heeft een koppeling met het gebouw, maar die vertaling wordt niet gemaakt door de overheid. Neem bijvoorbeeld passend en inclusief onderwijs. Daarbij wordt veel nagedacht over de onderwijskant van deze principes, maar er wordt niet gekeken naar de gevolgen voor het gebouw, terwijl je juist wilt dat het gebouw de onderwijskundige visie optimaal ondersteunt. Als je die componenten niet meeneemt in beleidsbeslissingen, komen ze ook niet terug in de bekostiging.”

Het financieringsstruikelblok en het ‘wie is verantwoordelijk’ vraagstuk hangen deels samen. Dit komt omdat er bijna altijd meerdere partijen bij betrokken zijn bij onderhoud en vernieuwingsplannen, die ook nog verschillende potjes aanboren. Zo is het schoolbestuur met een jaarlijks bedrag per leerling verantwoordelijk voor het onderhoud welke zij definiëren in een meerjaren onderhoudsplan (MJOP), maar is de gemeente financier voor ‘grote’ aanpassingen en renovaties. Maar wat er precies onder regulier onderhoud valt en wanneer dat een renovatie ‘groot’ wordt... dat is niet altijd even helder.

Dan is er nog het vraagstuk van hoeveel budget er totaal nu eigenlijk beschikbaar is? Dat blijft een lastige vraag en verschilt per gemeente en per school en per bestuurder. Sommige vragen naast reguliere gemeentelijke gelden de Subsidieregeling Renovatie Onderwijsinstellingen (SRO) en de Stimuleringsregeling Schoolgebouwen (SSG) om hulp, anderen het Prins Bernard Cultuurfonds en diverse club acties (Jantje Beton, Rabobank, NLdoet, etc.).

Allicht is een betere eerste stap naar het vernieuwingsplan niet de vraag hoeveel er te besteden is, maar wat men precies voor elkaar wilt krijgen. In de woorden van Van Nes; “Het inzichtelijk maken van de gebouwproblematiek, zodat duidelijk wordt wat precies nodig is. Als er geen geld is, temporiseer dan en maak met elkaar een plan wat je in elk geval wilt aanpakken.”

Naast kennis van je gebouw en al haar systemen en elementen, kunnen scholen voor het plannen van 'wat aan te pakken' ook tools zoals het Innovatieprogramma Aardgasvrije en Frisse Basisscholen en het Programma van Eisen Frisse Scholen gebruiken. Deze tools bieden gemeenten en scholen hulp bij het invullen van hun renovatie plannen. Zo draaide het Innovatieprogramma Aardgasvrije en Frisse Basisscholen pilotschool projecten (sommige die mee stroomden op andere gemeentelijke gebouwde omgeving en/of energietransitie ontwikkelingen) en deelden zij een kennisdocument met antwoorden op de meest gestelde vragen. Een aantal hiervan zijn omgezet in animatie video’s die een goede schets geven van menig situatie.

De situatie is dus gecompliceerd, van het aantal betrokkenen tot de bestaande middelen tot de toekomsteisen. Toch zien we dat scholen, gemeente en ontwerpers samen streven naar een betere leeromgeving. Dat blijkt niet alleen uit trends als het toenemend aantal groene schoolpleinen en klas-moestuinen, vaak geïntegreerd in het lesprogramma, maar ook door het type oplossingen ín de schoolgebouwen zelf. Van beweging bevorderende architectuur en interactieve interieur elementen tot de gemeenschapsaanpak waarbij gerenoveerde gebouwen meerdere functies krijgen.
De gebouwen van gerenoveerde of nieuwbouw scholen passen weer in de moderne lesmethodes. Ze hebben ruimte voor digitalisering (onderwijs op afstand maar ook technologie en gamification) en multidisciplinaire, passende en inclusieve programma’s die werken aan o.a. basisvaardigheden, sociaal-emotioneel leren, kansengelijkheid, etc.Maar ook ruimte voor naschoolse activiteiten.

“Schoolgebouwen kunnen meerdere functies vervullen. Ze kunnen bijvoorbeeld gecombineerd worden met woningen of dienen als een oplossing voor eenzame ouderen. Door verschillende problematiek aan elkaar te koppelen, kunnen we sneller meerdere doelen bereiken”, Tanja van Nes.

Laten we dus samen streven naar schoolgebouwen die zo zijn ingericht dat ze nog eens 40-70 jaar mee kunnen. Echter dit keer, laten we ze zo ontwerpen dat ze de flexibiliteit hebben zich aan te kunnen passen aan de lesmethodes van morgen.

Laten we nu investeren in een lange levensduur, in sterke muren en gezonde materialen, in goede ventilatie en een hoogwaardige akoestiek.
Hoe? Deel in de kennis van het Nationaal Groeifonds en haar partners.
Uitvoeren? Op naar een beter binnenklimaat! Vraag het onze specialisten. Zij kunnen haarfijn uitleggen hoe onze lang levende (50-70 jaar) materiaal oplossingen helpen bij het behalen van o.a. de Frisse Scholen eis akoestiek.

Investeren in een beter binnenklimaat?

Reacties

xHLIbsqmrB
23-02-2024 08:38
KSARmFvVhdwQ
xHLIbsqmrB
23-02-2024 08:38
KSARmFvVhdwQ
jEkfCriVgW
14-01-2024 11:25
XIJogeQHBTrMjbZ
BFJiQnqcehkEKV
14-01-2024 11:24
VvTWaijRJ
XnANBrUf
22-12-2023 03:30
elswbgtGhTHBpz
zFdtIxNYwaS
22-12-2023 03:30
yUPqcJxL

Reageren

Meer weten?

Bent u benieuwd naar ons productassortiment? Of heeft u hulp nodig bij het maken van de juiste keuzes voor uw project? Voor meer informatie of het maken van een afspraak, neem contact op met onze productspecialisten.